Gesitueerde kennis
Gesitueerde kennis (situated knowledges) is een concept dat we ontlenen aan de feministische theoretica Donna Haraway. In 'Situated Knowledges: The Science Question in Feminism and the Privilege of Partial Perspective' pleit Haraway voor een vorm van (feministische) kennisproductie die partieel, lokaal en bijgevolg gesitueerd is, eerder dan transcendent, neutraal of universeel. Haraway stelt het concept van gesitueerde kennis voor als een mogelijke uitweg voor de dilemma's van feministische wetenschap en theorie met betrekking tot de vraag naar objectiviteit. Aan de ene kant is er de traditionele of moderne opvatting van objectieve kennis die stelt dat ware, objectieve, universele kennis mogelijk is. Aan de andere kant hebben feministische kritieken op het **androcentrisme** in de wetenschap een beroep gedaan op het sociaal constructivistisch denken om deze 'doctrines van objectiviteit' te ontmaskeren. Zij hebben aangetoond dat deze zogenaamde wetenschappelijke waarheden zelf historische en specifieke constructies of vormen van vertoog zijn. Ze zijn vaak het product van bepaalde machtsverhoudingen en dragen tevens bij tot de reproductie van verschillen en ongelijkheden.

'Gesitueerde kennisvormen' of een 'doctrine van belichaamde objectiviteit' is Haraway's alternatief voor hetgeen zij de 'god-tricks' noemt van het relativisme (het perspectief van 'overal') en het totaliserend denken (het perspectief van 'nergens'), die zij als twee zijden van eenzelfde (niet-gesitueerde, niet-gegronde en niet-belichaamde) medaille beschouwt. Een feministische visie op objectiviteit zou daarentegen over bepaalde en specifieke vormen van belichaamde kennis moeten gaan, want enkel een partieel perspectief, een perspectief van 'ergens' zou een vorm van 'objectiviteit' bieden die tegelijkertijd politiek kritisch en geëngageerd kan zijn.

De plaats van 'objectiviteit' in Haraway's tekst blijft discussie opleveren. De vraag wordt gesteld waarom Haraway vasthoudt aan de notie van objectiviteit (bijvoorbeeld in 'de doctrine van belichaamde objectiviteit'), die bij uitstek wordt afgewezen aan postmoderne zijde. Anderzijds is het juist de verdienste van Haraway en van andere feministische theoreticae dat ze de notie van objectiviteit niet zomaar verwerpen, maar eerder trachten het concept te 'herclaimen'. Het gaat alleszins niet om een traditionele objectivistische versie van objectiviteit in de betekenis van 'waarheid', 'neutraliteit' en 'waardevrij'. In de plaats wordt een begrip van objectiviteit voorgesteld dat aansluit bij de idee van kennis als sociaal geconstrueerd en gesitueerd.